Girlpower schreef:
Even een vraag.....
Tja het antwoord is goed voor de inhoud van een heel boek!
Ik probeer het zo beknopt mogelijk uit te leggen en zal zondermeer de helft vergeten. Sorry dat het allemaal een beetje technisch- en droog voer is.
Eerst even voor de goede orde en ter illustratie van wat hierna volgt, dìt is een gebruikelijke cylinder trompet:
http://schagerl.at/new_pages/eigen_dreh ... dorf-h.jpg
Cylinder trompet vergeleken met Périnet ventiel trompet:
-Hele korte mondpijp, die meestal ook nog eens totaal cylindrisch is (dwz een gewone rechte buis). Nieuwere ontwerpen hebben licht conische mondpijpen (dwz klein beginnend en stukje bij beetje wijder uit lopend).
-Het ventielblok zit bijna helemaal vooraan op het instrument, bij de gewone trompet zit dat ongeveer op de helft van de totale lengte. Doordat het gewicht aan het begin van de trompetlengte zit, kan de lengte die daarna volgt vrijer resoneren.
-Grotere en dunnere beker, soms met een "Kranz" die het geluid beter bij elkaar houdt als er sterk wordt gespeeld.
-Kleinere boring, wat de speelweerstand wat verhoogt: ML bij cylinders is 11.02mm, L is 11.20mm, XL is 11.50mm. Ter vergelijking: ML bij gewone tpt is al 11.64mm!
-De bochten van de beker en de stembuis zijn veel groter (zgn. "open-wrap"), wat de speelweerstand wat verkleint.
-Langere en dunnere steuntjes tussen de buizen, met als gevolg dat het instrument veel meer resoneert en vibreert als je het bespeelt, wat dan weer gevolgen heeft op de klankkleur.
-Veel professionele cylinder trompetten hebben oktaaf kleppen (1 tot 4 stuks). Deze reduceren het kix-risico van bepaalde noten in het hogere register drastisch, maar geven natuurlijk nog steeds geen 100% garantie (je moet het dus zonder deze kleppen ook nog gewoon kunnen). De water-klep heeft ook al de functie van een oktaaf klep!
Door deze geheel andere manier van bouwen, is de Duitse/Oostenrijkse trompet eigenlijk als een heel ander instrument te beschouwen en functioneert het vaak ook beter met een ander mondstuk (ietsjes dieper, soms lichte V-vorm, groter gat en grotere stift, soms iets rondere rand):
-Het geluid is ietjes donkerder te noemen, maar wordt eerder koper-achtig (of "cuivré" zoals de Fransen dat noemen) als er sterk gespeeld wordt; het geluid is dus minder egaal dan dat van een gewone trompet.
-Het maximale volume (voordat het geluid echt breekt) is op een cylinder trompet lager dan op een normale trompet. Maar..... zelfs bij heel hard spelen, blijft het geluid vriendelijker en wordt het door 't publiek als minder penetrant ervaren. Ook klagen dirigenten zelden dat er te hard op cylinder trompetten gespeeld wordt; dat is bij de gewone trompet wel even wat anders.....
-In principe mengt een cylinder trompet beter met de houtblazers en strijkers en "steekt er minder tussen uit".
-Er zijn veel meer klankkleuren te voorschijn te toveren uit een cylinder trompet.
-Bindingen zijn veel gemakkelijker, maar snelle loopjes en riedeltjes zijn vanwege de cylinders vaak wat lastiger.
-Een Glisando spelen, of het spelen met half ingedrukte ventielen (Jazz etc) gaat nauwelijks met draaiventielen. Het is alles-of-niets; er tussen-in wil gewoonweg niet.
-Met één hand spelen gaat ook niet; dit lijkt onbelangrijk, maar is vooral heel erg lastig met snelle demper wisselingen of even vlug het blad omslaan.
Het instrument werd altijd al oa. in Duitsland en Oostenrijk voor alles gebruikt, maar meer en meer Symf. orkesten en dirigenten in de rest van de wereld verlangen het gebruik van deze instrumenten voor "Germaanse Componisten" zoals oa: Mozart, Haydn, Schubert, Schumann, Beethoven, Mendelssohn, Mahler, Bruckner, de Strauss-en, maar ook voor Dvorak, Sibelius, Smetana, Schoenberg, Alban Berg, Penderecky, enz, enz.....
Ik heb zelfs een keer een (Engelse-) dirigent gehad die Elgar (Engelse componist) op Duitse toeters wilde!
Het klinkt gewoon ècht anders; niet beter of slechter, maar gewoon anders.
Ik kan er uren over doorgaan, maar da's dus eerder iets voor een boek!
Groeten,
MvW.
Aangepast voor meer details.